Toelichting op de brief van Minister Dekker, in relatie tot de aanbeveling van de Raad van Europa (Recommendation CM/Rec(2018) 8 van ‘the Committee of Ministers to member States concerning restorative justice in criminal matters’) d.d. 3 oktober 2018.

Beste leden,

Hieronder, voor wie er behoefte aan heeft een korte samenvatting van de brief van Sander Dekker en van de aanbeveling van de Raad van Europa inzake restorative justice in criminal matters’.

Sander Dekker is in zijn brief d.d. 17 oktober, waarin hij een reactie geeft op de proeve van wetgeving over ‘Herstelgerichte afdoening via bemiddeling in het strafzaken’, zeer positief over mediation in strafzaken. Hij wil met de ketenpartners, waaronder de mediators, spreken om op deze wijze tot een beleidskader en randvoorwaarden te komen die gericht zijn op kwaliteit en het bewaken van slachtoffer, verdachte en samenleving. Dit moet worden meegenomen in het nieuwe Wetboek van Strafvordering.

De brief van Sander Dekker sluit aan bij de aanbeveling van de Raad van Europa inzake restorative justice in strafzaken.

Aanbeveling van de Raad van Europa inzake restorative justice in criminal matters

Deze aanbeveling is zeer steunend voor mediation in strafzaken en biedt tegelijkertijd ook mogelijkheden om mediation in strafzaken uit te breiden zowel richting de start van de strafrechtelijke procedure (politiefase) als ook richting het einde (VI etc.). Zoals elke aanbeveling op dit niveau wordt in algemene termen beschreven wat wenselijk en noodzakelijk is. De praktijk zal nadere invulling behoeven. Wij raden het u aan om deze aanbeveling te lezen. Hieronder volgt een samenvatting van deze aanbeveling.

De Raad beveelt haar lidstaten aan om restorative justice zoveel mogelijk in en buiten van de context van het strafrecht in te zetten.

In deze aanbeveling worden de definities en de algemeen werkzame principes beschreven. Verder worden de basisprincipes beschreven. Hierin wordt onder andere gemeld dat restorative justice voor een ieder beschikbaar zou moeten zijn. Dat noch het soort zaak, de ernst van het delict of de geografisch locatie een aanbod aan slachtoffer of verdachte inzake het inzetten van restorative justice mag uitsluiten. Restorative Justice moet in elk stadium van het strafproces ingezet kunnen worden en slachtoffer en verdachten/daders moeten voldoende geïnformeerd worden om een besluit te kunnen nemen omtrent hun deelname aan restorative justice.

De lidstaten worden opgeroepen zorg dragen voor een heldere wettelijke basis van restorative justice in het strafrecht en – indien restorative justice lopende de strafzaak wordt ingezet – voor de ontwikkeling van beleid inzake de verwijzingsprocedure en de behandeling van deze zaken. Er moet gezorgd worden voor klachtprocedures en partijen moeten gebruik kunnen maken van een tolk of juridische ondersteuning, indien nodig.

Wanneer kinderen betrokken zijn in een restorative justice procedure dan is het noodzakelijk dat hun ouders of wettelijk vertegenwoordigers aanwezig kunnen zijn gedurende deze procedure.

In de aanbeveling wordt uitgebreid beschreven hoe het strafrechtsysteem zich verhoudt tot restorative justice. Partijen moet goed en breeduit geïnformeerd worden over hun rechten, de aard van het restorative justice proces, de mogelijke consequenties van deelname en de klachtenprocedures. De wijze waarop het justitiële systeem de bemiddelaars moet faciliteren wordt benoemd evenals de manier waarop de gerechtelijke autoriteiten met de uitkomst van het restorative proces moeten omgaan.

Ook wordt er ingegaan op het operationaliseren van herstelrechtelijke dienstverlening. Er wordt onder andere gesproken over de standaarden waaraan de organisaties, die zich met restorative justice bezighouden en de bemiddelaars moeten voldoen. Ook de wijze van toezicht wordt beschreven.

Inzake de slotovereenkomst worden enkele algemene vereisten genoemd zoals het feit dat de overeenkomst zoveel mogelijk een overeenkomst ‘van partijen’ moet zijn. Een overeenkomst hoeft geen tastbare uitkomsten te bevatten; partijen kunnen bijvoorbeeld overeenkomen dat het gezamenlijk gesprek aan hun wensen en behoeften is tegemoet gekomen.

Tot slot is er aandacht aan de verdere ontwikkeling van restorative justice. Voldoende menskracht en financiële support zijn essentieel. Een verbreding van de inzet van de principes van restorative justice wordt nagestreefd, zowel in preventieve zin maar ook buiten het strafrecht en toch binnen het justitiële kader (denk aan een conflict tussen gevangenen en de gevangenisdirectie). Frequente consultatie tussen alle stakeholders wordt nagestreefd opdat er meer begrip ontstaat inzake de betekenis en bedoeling van restorative justice.